Drie generaties Vroone

Groenmarkt met rechts (B27) het woonhuis van Adriaan Cornelis Vroone. Uiterst rechts het bedrijfspand van de N.V. Van der Harst. Fotograaf onbekend, ca. 1935-1940 - Zeeuws Archief, HTAM-A-131
Groenmarkt met rechts (B27) het woonhuis van Adriaan Cornelis Vroone. Uiterst rechts het bedrijfspand van de N.V. Van der Harst. Fotograaf onbekend, ca. 1935-1940 – Zeeuws Archief, HTAM-A-131

Timmermansknecht Matthijs Vroone (1767-1830) huwde in mei 1792 Elisabeth Gesina Gutteling (1766-1829). Zij werd gedoopt in Herwijnen in Gelderland, maar van vaderskant (Valentijn Hendrik Gutteling was tussen 1755 en 1760 VOC-matroos) lagen er zeker familiebanden op Walcheren. Zover na te gaan kregen ze vijf kinderen, die allen volwassen werden. De twee jongste kinderen, Gerrit en Adriaan Cornelis, zijn in elk geval te linken aan de Teeken Akademie. Gerrit Vroone (ca. 1800-1854) was tweemaal primus en Adriaan Cornelis (1802-1868) vader van een in 1849 uitverkoren tekenaar, Gerrit Willem Vroone (1833-1876). Een oudere broer Johannes Cornelis (ca. 1798-1832) was ook timmerman en het ligt voor de hand dat ook hij cursussen aan de Teeken Akademie gevolgd heeft. 

Gerrit Vroone werd in 1817 primus in de 2e klas bouwkunde en het jaar daarop primus in de 1e klas bouwkunde. In mei 1823 trad hij in het huwelijk met de 10 jaar oudere Francina Adriana Mortier (ca. 1790-1877) van wie de vader onbekend was. Bij de geboorteaangiftes van zijn 5 kinderen staat hij vermeld als timmerman. Vier dochters werden volwassen. Maria Pieternella (1827-1917) trouwde met Johan Engelbert van Andel (1825-1890). Deze Teeken Akademie-leerling werd bode bij de Godshuizen en later conciërge bij het Burgerweeshuis wat onder de Godshuizen viel. Hij was afkomstig uit een geslacht van timmerlieden en zijn vader David (1790-1837) had een eigen zaak (aannemerij) in de Nieuwstraat op nummer 19. Mogelijk was Gerrit Vroone timmerman bij deze Van Andel. Er is nog een verband tussen Van Andel en Vroone: vanaf 1831 was Adriaan Cornelis Vroone zo’n 15 jaar de buurman op nummer 17. Bij zijn huwelijk in juli 1829 met Leonora Willemina Somon (1799-1874) staat aangetekend dat Adriaan Cornelis klerk was, wat bij de aangifte van hun derde kind, Gerrit Willem, ‘ter secretarie’ blijkt te zijn. Later komt hij voor als zaakwaarnemer, wat ook een ambtelijke status inhield. In 1841 woonde het gezin op nummer 22 in de Bogaardstraat, waar Vroone ook kantoor hield.

Ook zoon Gerrit Willem zou in overheidsdienst treden. Bij zijn huwelijk in april 1864 -dat kinderloos bleef- met Anthoinetta Johanna Bakker (1826-1896) was hij sub-ontvanger. Mogelijk was dat op het kantoor van de plaatselijke belastingen op de Dam. Eind 1866 werd om bezuinigingsredenen besloten de werkzaamheden te verplaatsten naar de secretarie op het stadhuis. Voortaan werd het werk door 1 subontvanger gedaan en werd Gerrit Willem Vroone commies met een jaarsalaris van ƒ 350 die bij drukte moest bijspringen. Verder verving hij een te pensioneren ambtenaar waardoor op termijn (als de gepensioneerde kwam te overlijden) een betaalde kracht werd uitgespaard, zo wist de Middelburgsche Courant te melden. In 1870 volgde de aanstelling tot commies belast met de zaken betreffende de nationale militie. In 1873 werd tijdens het vaststellen van de begroting geconstateerd dat de gemeenteontvanger Vroone een toelage van ƒ150 gaf waarvoor hij ’s-ochtends enige uren op diens kantoor moest bijspringen. Dat werd als onwenselijk beschouwd en de gemeenteontvanger moest uitzien naar een andere kracht. Hoewel Vroones wedde inmiddels op ƒ 500 was gebracht, werd dat toch als weinig beoordeeld. Onduidelijk is of nu hij zijn toelage van ƒ 150 verloor een traktementsverhoging kreeg. Blijkbaar was het kantoor dus niet verplaatst en zou het tot ver in de 20e eeuw op de Dam blijven. 

Arnold Wiggers