
In de novemberveiling van veilinghuis Bubb Kuyper in Haarlem werden 2 Vernuft en Vlijt-banden aangeboden. Mooi ingebonden boekwerken die ooit aan de beste leerlingen van de Teeken Akademie zijn uitgereikt. Helaas ontbreken in beide boeken de opdracht en is niet met zekerheid te zeggen wie ze ooit in ontvangst heeft mogen nemen. Nu had de Teeken Akademie de gewoonte om op het voorplat in een hangend medaillon het motto ‘Vernuft en Vlijt’ te laten stempelen en op het achterplat in hetzelfde medaillon de datum. Dat laatste kan helpen om toch een mogelijke eerste eigenaar te identificeren.
Een graag gegeven boek was de Grondlegginge der Teeken-konst, Zynde een korte en zeekere weg om door middel van de Geometrie of Meetkunde, de Teeken-konst volkomen te leeren van Gerard de Lairesse. Zo ook op 5 augustus 1788, zo leert het achterplat. Het betreft het eerste deel in de editie uit 1766. De tand der tijd heeft nogal vat gehad op de band, maar interessant is hij ondanks dat wel. Uit de periode tot 1795 was nog geen kalfsleren band bij mij bekend, wel een aantal veel kostbaardere banden in rood en groen geitenleer. Ook in eenvoud schuilt waarde en nu weten we zeker dat er ook voor 1795 zulke banden werden geschonken. Een indicatie voor wie het boek was, is niet te geven. Met het verbranden van het huis van de secretaris van de Teeken Akademie op 17 mei 1940 ging ook het archief ervan in vlammen op. Dat was ook het geval met de leggers van de Middelburgsche Courant in de Provinciale Bibliotheek, waardoor de Krantenbank tussen 1795 en 1815 nogal wat hiaten heeft.
Aan de tweede, kalfsleren band is met wat verbeeldingskracht en slagen om de arm wel een naam te hangen. Op 21 september 1836 werd een exemplaar van Natuurlyk en Schilderkonstig Ontwerp der Menschkunde … van Willem Goeree geschonken. Het betrof een exemplaar van de eerste editie uit 1682. Nu werd in 1827 en in 1829 hetzelfde werk in de derde druk van 1753 geschonken aan respectievelijk de primus in de 2e klasse naar prent Johannes Jacobus Lievense en Job la Brand als aanmoedigingsprijs ook in de 2e klas naar prent. De boekenprijzen werden met opzet uitgezocht, waardoor de geschenken zowel inhoudelijk als in omvang en uitvoering met de schooljaren gelijke tred hielden. En nu gaat het verder op glad ijs: Indien in 1836 de prijs ook aan de primus in de 2e klas naar prent is overhandigd, was Daniel Schuilwerve (1814-1884) de gelukkige. Deze loodgieter is eerder aan bod geweest in deze serie.
Dit is dan nu de plaats om aan dat portretje van Schuilwerve nog een paar details toe te voeen. Zijn erfgenamen in 1884 waren de toen nog in leven zijnde 3 dochters en een zoon. Dochter Maartje was overleden en haar 2 kinderen kregen haar erfportie. Er viel ƒ 21.000 te verdelen, waaronder onroerend goed en nogal wat schuldbrieven op Rusland. Hoe zou het afgelopen zijn met de 1250 zilveren roebels in aandelen Fransch Caucasische Spoorweg na 1918? Dochter Johanna vertrok nog in hetzelfde jaar 1884 naar Amerika. In de Verenigde Staten had ze ‘familiebetrekkingen’. Dat moet dan haar oom Leunis Jan de Maagd zijn geweest die in 1881 met vrouw Lena Noordhoek en 3 kinderen de overtocht maakte. Dat deden toen 3 gezinnen en 2 vrijgezellen uit Kortgene. In 1887 ging ook haar oudere zuster de dienstbode Sentina Maria Schuilwerve haar familie achterna, ook al gaf zij als reden voor vertrek verbetering van levensomstandigheden aan.
Arnold Wiggers

