
‘Die genegen mogt wezen, om een Paarde-Smitse, zynde teffens een Slootmakers-Winkel en een stal dat 7 Koppel Paarden op kunnen en Hof en Erve, waarin die Affaires veele Jaaren met succes is gefrequenteerd, van stonden aan te Koopen, addresseere zich by Maria Catharina Brunel, Weduwe Leendert Johannisse, woonende in dezelve Smitse aan de Noordpoort binnen deze stad’. Wie op deze advertentie in de Middelburgsche Courant van 23 maart 1799 gereageerd heeft, is onbekend. Het zou goed smid Gerrit Johannissen geweest kunnen zijn die in 1818 een knecht vraagt. Waarschijnlijk familie, maar geen broer van de jonggestorven Leendert, wel leeftijdsgenoot: Leendert werd in 1763 in Colijnsplaat geboren en Gerrit zag het levenslicht in ca. 1766 in Vlissingen. Twee zonen van Gerrit hebben aan het Noordpoortplein als smid gewerkt, doch stierven respectievelijk in 1831 en 1840 nog voor hun vader die in februari 1840 begraven werd.
De volgende smid in het pand M 125 bij de Noordpoort of aan het Noordplein zoals het Noordpoortplein destijds genoemd werd, was Leonardus de Keijzer (ca. 1808-1857). Geboren in Kortgene huwde hij (Cea) Sia Cornelia Zwigtman (ca. 1809-1850), de in Wissenkerke geboren dochter van Cornelis Zwigtman (1782-1866), oud-Teeken Akademie leerling, schilder, dichter en wagenmaker. Werden de eerste kinderen De Keijzer nog in Kortgene geboren, in 1842 werd het zesde kind aangegeven in Middelburg. De oudste zoon Cornelis, de tweede in de rij, werd op 27 juli 1834 geboren. Hij volgde net als zijn grootvader Zwigtman lessen aan de Teeken Akademie. In 1850 werd hij primus in de 1e klas tekenen naar prent. Vervolgens trad hij in de voetsporen van zijn vader net als zijn jongere broer Pieter die smid in Kortgene werd. Cornelis huwde Johanna de Groot (1839-1884) in juni 1859. In november volgde hun eerste kind, Leonardus geheten, dat ook hun enig kind zou blijven. Het huwelijk liep in 1878 uit op een scheiding. Cornelis overleed in 1883. Zoon Leonardus, ook smid, ging 26 jaar oud failliet, verloor datzelfde jaar zijn 22-jarige vrouw en in de zomer daarop zijn enig kind. Hij tekende voor het KNIL, kwam terug en overleed als gepensioneerd sergeant en magazijnmeester in 1920 in Souburg.
Terug naar de smidse aan de Noordpoort. Leonardus de Keijzer sr. was in november 1851 in Kortgene een tweede huwelijk aangegaan met de Middelburgse Sara Jacoba Vermeulen (ca. 1810-1888). In de Memorie van Successie van Leonardus uit 1857 geeft zij te kennen de zaak aan het Noordplein te willen voortzetten. Het lijkt erop dat zij, mogelijk met Cornelis als meestersmid, de zaak bleef bestieren.
De ‘Grof- en hoefsmederij annex Pakhuis, Woonhuis en Tuin’ aan de Noordpoort werden in maart 1875 geveild. De nieuwe eigenaar Hugo Bliek (1850-1930) adverteerde regelmatig met oude en nieuwe rijtuigen en vanaf de eeuwwende kwamen er ook rijwielen en later ook auto’s in de verkoop en reparatie. Daarvoor zal zoon Cornelis Janis (1883-1952) verantwoordelijk geweest zijn, die de zaak in 1920 overnam.
In 1950 adverteerde garage A.J. Dijkwel voor het eerst in zowel de Provinciale Zeeuwsche Courant als het Zeeuwsch Dagblad, nog met achter de naam ‘v.h. Bliek’. De ontwikkelingen rond het Noordpoortplein hebben er voor gezorgd dat het rijtje woningen en bedrijven aan die kant van het plein afgebroken is. Dijkwel sloeg zijn vleugels uit in Middelburg en Vlissingen. Toch leuk dat Alexander Johans nazaten Richard Dijkwel en zijn dochter Luna in 2023 de Stadstekenaars in de categorie Liefhebbers waren en zo de Teeken Akademie weer met die plek aan het Noordpoortplein verbonden.
Arnold Wiggers



